Uitdagingen met EV snelladers bij meten voor MID-richtlijn
De laadinfrastructuur voor elektrisch rijden ontwikkelt zich snel. Waar laadpalen vroeger vooral AC-laadpunten waren met relatief beperkte vermogens, zien we steeds meer DC-snelladers en high power chargers langs snelwegen, bij logistieke hubs, bedrijventerreinen en openbare laadstations. Die ontwikkeling stelt nieuwe eisen aan meten, testen en ijken.
Met de vernieuwde Europese MID-richtlijn (EU) 2026/706 worden voor het eerst geharmoniseerde eisen geïntroduceerd voor meetsystemen in laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen. Voor exploitanten betekent dit dat zij moeten kunnen aantonen dat de meetinrichting voldoet aan wettelijke eisen. Meetnauwkeurigheid, certificering, controle en documentatie worden daarmee een steeds belangrijker onderdeel van professioneel laadinfrabeheer.
Bij DC-laadstations is dat beheer technisch uitdagender dan bij AC-laadstations.
Waarom DC-laders lastiger te testen zijn dan AC-laadpunten
Bij AC-laders is het testen en controleren van de energiemeting relatief overzichtelijk. De vermogens zijn lager, de stromen beperkter en de meetomstandigheden zijn vaak goed reproduceerbaar. Bij DC-laders ligt dat anders.
Een DC-snellader levert in korte tijd grote hoeveelheden stroom. Daarbij lopen de stromen sterk op en verandert het laadprofiel voortdurend. Een elektrische auto vraagt niet continu hetzelfde vermogen. De laadcurve wordt beïnvloed door o.a. accutemperatuur, batterijmanagementsysteem (BMS), voertuigsoftware en laadstrategie. Je wilt namelijk niet alleen weten of een DC-lader werkt, maar vooral of de geleverde energie onder wisselende praktijkomstandigheden correct wordt gemeten.
Hoge stromen in korte tijd vragen om specialistische apparatuur
Een van de grootste uitdagingen bij DC-laders is de combinatie van hoge stromen, hoge spanning en korte testduur. Zeker bij high power charging kan de stroom in korte tijd oplopen tot honderden ampères. Bij HPC-systemen kunnen stromen oplopen tot 500 A of meer. Dat vraagt om testapparatuur die veilig, betrouwbaar, nauwkeurig en stabiel blijft onder zware belasting.
Meten onder realistische omstandigheden
Een betrouwbare controle van een DC-lader vraagt om metingen die zo dicht mogelijk bij de praktijk liggen. De testapparatuur moet daarom direct op locatie gebruikt kunnen worden en geschikt zijn voor de omstandigheden waarin laadstations dagelijks functioneren.
EMOB-testkoffers van ZERA
Het Duitse ZERA GmbH heeft onder andere de EMOB-serie ontwikkeld voor het testen van AC- en DC-laadinfrastructuur.
De EMOB200 is geschikt voor AC- en DC-laadstations met metingen tot 32 A AC en 200 A DC via onder andere Type 2 / CCS2. Voor zwaardere DC-laadstations en HPC-toepassingen heeft ZERA de EMOB500, geschikt voor DC-metingen tot 500 A met CCS2-aansluiting.
De EMOB-testkoffers zijn compacte oplossingen voor directe metingen aan verbruiker en laadstation. De apparatuur is ontwikkeld voor controles tijdens onderhoud, verificatie na wijzigingen en beoordeling van meetprestaties. En om te ondersteunen bij facturatie volgens wettelijke metrologieregels.
Dat maakt het mogelijk om niet alleen in een laboratoriumsituatie te testen, maar ook bij bestaande installaties in het veld. Voor exploitanten is dat essentieel. De meetinrichting van een laadstation moet immers niet alleen bij oplevering binnen de norm functioneren.
Voor exploitanten is het belangrijk om inzicht te houden in de prestaties van de meetinrichting gedurende de levensduur van een laadstation.
Het Zera EMOB500 testapparaat voor het testen en controleren van DC snelladers.
Veiligheid; een belangrijk onderdeel van testen
Bij DC-laders gaat testen verder dan alleen meetnauwkeurigheid. Door de hoge stromen en spanningen speelt veiligheid een grote rol. Testapparatuur moet voorkomen dat monteurs, servicetechnici of inspecteurs onnodig risico lopen tijdens het aansluiten, meten en ontkoppelen.
De EMOB-testcases van ZERA bevatten daarom betrouwbare veiligheidsvoorzieningen, zoals controle op correcte kabelcontacten, detectie van het kabeltype en elektromechanische vergrendeling van aansluitingen. Voor DC-toepassingen is er bovendien bewaking van de hoogstroomcontacten op overstroom. Bij de EMOB80, EMOB200 en EMOB500 wordt ook de temperatuur van AC- en DC-contacten bewaakt; bij het bereiken van een vooraf ingestelde temperatuur wordt het laadproces automatisch uitgeschakeld.
Dat is zeker géén overbodige luxe. Bij hoge DC-stromen kan warmteontwikkeling snel optreden. Een slechte verbinding, beschadigde connector of vervuilde contactovergang kan de meetveiligheid en betrouwbaarheid beïnvloeden.
Nauwkeurigheid bij storingsrijke laadomgevingen
Laadstations zijn elektrotechnisch complexe installaties. Vermogenselektronica, schakelfrequenties en harmonischen van schakelfrequenties kunnen invloed hebben op metingen. Zeker bij DC-snelladers is een betrouwbare referentiemeting daarom niet vanzelfsprekend.
De EMOB-testkoffers hebben een hoge nauwkeurigheid van 0,1% van het vermogen. De gebruikte referentiemeter is ongevoelig voor storingsfrequenties tot 150 kHz, wat relevant kan zijn in de nabijheid van laadstations.
Onze experts ondersteunen bij voorbereiding op de nieuwe MID-richtlijn
Voor exploitanten van laadstations, servicebedrijven en keuringsinstanties is dit het moment om vooruit te kijken. De nieuwe MID-richtlijn zorgt voor meer uniformiteit en duidelijkheid, maar vraagt ook om kennis, processen en geschikte testapparatuur.
Als Benelux distributeur van ZERA-apparatuur helpen we organisaties om zich voor te bereiden op deze ontwikkeling. Met specialistische test- en controleapparatuur voor AC- en DC-laadstations kunnen metingen veilig, nauwkeurig en aantoonbaar worden uitgevoerd. Dat helpt organisaties om hun meetprestaties aantoonbaar te maken en vertrouwen te behouden bij gebruikers en opdrachtgevers. Maar ook voor vertrouwen richting EV-rijders.